Stotteren

Stotteren is een spraakstoornis die zowel bij jong als oud kan optreden. Vaak zijn er al kenmerken van stotteren merkbaar op erg jonge leeftijd (< 5 jaar). Het is belangrijk om signalen van stotteren tijdig te detecteren en hiervoor gespecialiseerde hulp te zoeken.

Wat is stotteren?

Stotteren is een spraakstoornis waarbij de vlotte opeenvolging van de spreekbewegingen wordt onderbroken. Stotteren is goed te onderscheiden van normale haperingen die iedereen wel eens vertoont. Bij stotteren gaat het namelijk over het ongewild en onvrijwillig onderbreken van woorden. Men verliest de controle over de vlotheid van het spreken. Stotteren kan je in de eerste plaats horen. Zo spreken we over drie soorten stottermomenten:

  • Herhalen van woorden, lettergrepen of klanken
  • Verlengen van een klank
  • Vastzitten van de spreekspieren (stiltes tijdens het praten)

Daarnaast kan je stotteren soms ook zien door onder andere spanning in het gelaat, grimassen tijdens een stottermoment of bewegingen van het hoofd of ledematen (vb. meetikken met vingers, een knikje met het hoofd geven, stampen, …).

Hoe ontstaat stotteren?

Ongeveer 3 procent van de kinderen die geboren worden, hebben aanleg om stotteren te vertonen. Deze aanlegfactoren (genetisch en prenatale ontwikkeling) maken het kind vatbaar voor stotteren. In combinatie met deze aanleg lokken bepaalde stressfactoren het stotteren uit. Bij jonge kinderen zijn dit dikwijls:

  • Emoties
  • Vermoeidheid
  • Aspecten van spraak (articulatie)
  • Aspecten van de taal (zinslengte, complexiteit)
  • Tijdsdruk
  • Reacties van luisteraars

Bovenstaande stressfactoren zijn dus niet de oorzaak van stotteren, maar ze dragen wel bij tot het tot uiting komen van het probleem.

De eigen reacties van het kind op stottermomenten en die uit de omgeving spelen een grote rol in de ontwikkeling van stotteren. Daarom is het belangrijk dat de ouders steeds goed betrokken zijn bij de therapie.

Stotteren ontstaat meestal geleidelijk, maar het kan ook zeer plots opduiken. Dikwijls verloopt de ernst wisselvallig. Overigens doet stotteren zich niet steeds in elke spreeksituatie voor. Het kan met andere woorden op bepaalde momenten totaal afwezig zijn.

Hoe omgaan met stotteren?

De houding die je aanneemt tegenover een kind dat stottert, kan het probleem mee verminderen of helaas soms aanwakkeren. Je toont een goed model als je zelf rust uitstraalt, het kind de kans en de tijd geeft om te praten, het kind laat uitpraten, het kind blijft aankijken, als je op het niveau van het kind praat, … . Adviezen over hoe te spreken kunnen best achterwege gelaten worden.

Behandeling van stotteren

De behandeling die ik gebruik voor stotteren is een sociaal-cognitieve gedragstherapie. Deze is gericht op het beïnvloeden van de cognities, emoties en het trainen van vaardigheden met het spreken. De behandeling is gebaseerd op wetenschappelijke inzichten betreffende het ontstaan en ontwikkelen van stotteren en steunt ook op een belangrijke klinische ervaring door verschillende therapeuten (CIOOS).

Doelgroep:

  • Kleuters (2 - 6 jaar)
  • Kinderen (7 - 12 jaar)
  • Tieners en adolescenten (12 - 18 jaar)
  • Volwassenen (> 18 jaar)

Voor de ouders van kleuters en jonge kinderen wordt er ook een oudertraining georganiseerd. Indien nodig vindt er ook een gesprek plaats met de leerkracht en zorgleerkracht.

Kunnen wij u helpen?